Syndroom van Wallenberg

Diederik de Bruin is 54 jaar. Hij woont op zichzelf, maar wordt verzorgd door een buurvrouw. Zij zet elke dag eten buiten voor zijn deur, in de hoop dat hij het op zal eten. De Bruin is al drie jaar niet meer op straat geweest. Hij heeft een infarct in zijn hersenstam doorgemaakt en lijdt hierdoor aan het syndroom van Wallenberg. Hij is altijd duizelig en heeft evenwichtsstoornissen. De slikproblemen, die hij meteen na het CVA had, zijn in de loop van de tijd wat afgenomen. Toch verslikt hij zich nog steeds regelmatig en hij durft daarom nauwelijks te eten.

Zijn linker oog hangt een beetje naar beneden. Hij heeft vanaf het wakker worden tot het slapen gaan ondraaglijke, brandende pijn aan de linker zijde van zijn gezicht en aan de rechterkant van zijn bil tot aan zijn tenen. Er zijn geen medicijnen die de pijn kunnen verlichten. Alleen wanneer hij slaapt is de pijn weg. Mijnheer De Bruin wil dan ook het liefst slapen en ligt haast altijd in bed, in de hoop dat de slaap zal komen.

In 1895 is het syndroom van Wallenberg voor het eerst herkend en beschreven door de Duitse neuroloog Adolf Wallenberg. Symptomen zijn:

  • evenwichtsstoornissen;
  • duizeligheid;
  • slikproblemen (veel verslikken);
  • heesheid van de stem;
  • hevige chronische pijn (een soort bovenmatig afgeven van pijnprikkels, vooral in het gezicht, maar ook in de rest van het lichaam);
  • gevoelsstoornissen (met mogelijke verschillen tussen de ene en de andere zijde van het lichaam; zo kan bijvoorbeeld de rechter zijde geen warmte en koude
  • meer onderscheiden, terwijl de linker zijde geen zachte aanrakingen meer voelt);
  • hikbuien;
  • stuurloosheid (zichtbaar in lopen, fietsen, schrijven);
  • transpiratiestoornissen;
  • syndroom van Horner (de ene pupil is kleiner dan de andere en soms ‘hangt’ een ooglid);
  • nystagmus (schokkende, snelle oogbolbewegingen);
  • extreme moeheid;
  • slaapproblemen (slapeloosheid, slaapapneu).

Dissectie

De oorzaak is vaak dissectie van de cervicale arteriën. Dat gebeurt bijvoorbeeld door manipulatie aan de nek na chiropractie, trauma, vallen en zelden spontane snelle hoofdbewegingen. Vaak blijft de oorzaak onduidelijk. Het moment van optreden van de dissectie kan zijn van aansluitend tot enkele dagen na de manipulatie aan de nek. Dissectie kan zowel optreden in het carotisstroomgebied als het vertebrobasilaire stroomgebied.

De eerste klachten

De eerste klachten zijn plotseling optredende pijn in de nek die doortrekt naar het achterhoofd. De neurologische symptomen treden op in de hersenstam (75%) en voor het overige in het cerebellum en de occipitale hersenschors. Eenderde van de hersenstamproblemen treedt op in het laterale medulla oblongata gebied (syndroom van Wallenberg).

Diagnose

De diagnose wordt gesteld met behulp van de MRI en de MR-angiografie. In de wand van de arterie kan een hematoom worden gezien en soms een dubbel lumen, een los fragment aan de wand of een vernauwing. Met behulp van angiografie kan wel een zogenaamd muizenstaartje worden gezien, waarbij het lumen zich sterk versmalt.

Behandeling

De behandeling van de dissectie in het acute stadium bestaat uit heparinisering, gevolgd door orale antistolling gedurende enige maanden (3-6), hoewel voor deze therapie geen enkel gerandomiseerd onderzoek is verricht. De antistolling is bedoeld om vroege trombo-embolieën van de beschadigde intima van de vaatwand te voorkomen. Na de antistolling zou het voortzetten van aspirine zijn aangewezen ter preventie van embolieën, maar ook hiervoor ontbreekt het bewijs. Aanwijzingen dat recidief dissectie kan worden voorkomen is niet beschikbaar.

De prognose

Bij follow-up van de patiënten treedt bij het merendeel een goed herstel op (90%). De vaatafwijking leidt tot een complete afsluiting, een volledig herstel of de vorming van een aneurysma. De recidiefkans op een dissectie is beschreven in drie studies. Wanneer de conclusies van die drie publicaties bij elkaar worden gezien, is de follow-up van 411 patiënten bekend. Het betreft dissecties van zowel het arteria carotis- als arteria vertebralis-stroomgebied. Er werden 15 recidieven gezien in het carotisstroomgebied (n = 303) en 5 in het vertebralisstroomgebied (n = 108). Het vrije interval tot het recidief bedroeg 1 tot 4 jaar bij een gemiddelde follow-up periode van 40 maanden voor de patiënten met een vertebralisdissectie. De recidieven waren meestal mild in hun symptomatologie met een TIA, nekpijn en toevallige detectie door MR-controle. Zelden treedt het recidief op dezelfde plaats op.

Bronnen

Leven na een beroerte (Boekserie: Van A tot ggZ), Jenny Palm, ISBN 978-90-313-8695-6

Wat zijn de risico’s voor recidief na hersenstaminfarct (syndroom van Wallenberg) ten gevolge van dissectie in de arteria vertebralis?, Uit: Vademecum permanente nascholing huisartsen, ISBN 978-90-313-8807-3


Meer lezen

Stoornissen van het somatosensibele systeem, uit: Neurologie, structuur, functie en dysfunctie van het zenuwstelsel,Boekserie: Quintessens, E. Ch. Wolters, H. J. Groenewegen, ISBN 978-90-313-4356-0