Blaashalsdisfunctie obstructieve mictieklachten

bladder

Het ontstaan van obstructieve mictieklachten wordt meestal toegeschreven aan een toegenomen urethrale weerstand. Het bekendste voorbeeld van een aandoening die tot een verhoogde urethrale weerstand kan leiden, is benigne prostaathyperplasie (BPH). Ook blaashalsdisfunctie, urethrastrictuur, meatusstenose en extreme phimosis andere aandoeningen kunnen hiertoe leiden.

Er is sprake van een zwakke straal (slechte flow), terwijl de drukken in de blaas tijdens het plassen veel hoger zijn dan normaal. De blaas doet dus veel moeite om de obstructie te overwinnen, en dit resulteert toch slechts in een zwakke straal. Een slechte flow kan ook optreden bij patiënten die geen obstructie hebben maar wel een slechte blaascontractiliteit. Een slechte flow hoeft dus niet altijd op een obstructie te wijzen. Ook komt het geregeld voor dat patiënten met obstructieve mictieklachten geen obstructie in de urodynamische betekenis van het woord hebben. Vanwege deze discrepanties wordt wel gezegd dat BPH niet altijd met benigne prostaatobstructie (BPO) samengaat.

Prostaatvergroting

Bij een deel van de oudere mannen met BPH zal de vergroting aanleiding geven tot subvesicale obstructie van de urinestroom en mictieklachten. Ook andere urodynamische afwijkingen kunnen voorkomen, zoals detrusoroveractiviteit, onvolledige lediging van de blaas of zelfs een volledige urineretentie. Klinisch presenteren deze patiënten zich vaak met de bekende lage-urinewegsymptomen (LUTS) . Minder vaak staan secundaire complicaties op de voorgrond, zoals recidiverende urineweginfecties, urine-incontinentie, verminderde nierfunctie of hematurie. Hoewel de complicaties zelden levensbedreigend zijn of worden, wordt BPH steeds vaker gezien als een langzaam progressieve aandoening. De aandoening is echter slechts bij een klein deel van de mannen die BPH hebben, gestaag progressief.

Polydipsie-polyurie

Mictieklachten kunnen ook veroorzaakt worden door problemen buiten de urinewegen. Patiënten die extreem veel drinken, kunnen polyurie vertonen, met als gevolg een verhoogde mictiefrequentie. We spreken dan van psychogene polydipsie-polyurie . Polydipsie-polyurie kan ook het gevolg zijn van diabetes mellitus of diabetes insipidus. Een (subklinische) decompensatio cordis kan aanleiding geven tot nachtelijke polyurie, met als gevolg nycturie. Andere niet-urologische oorzaken van mictieklachten zijn: neurologische aandoeningen waarbij de mictiereflex wordt beïnvloed, (neuro)psychiatrische of psychologische aandoeningen – depressie gaat geregeld gepaard met een overactieve blaas. Ook veroudering heeft een invloed op de blaasfunctie.

Bron: Leerboek urologie

Foto: Picture Alliance


Tip

Het urologie formularium  Diagnose en therapie 2013-2014

Het urologie formularium, A.S. Glas e.a.

Diagnose en therapie 2013-2014, J.J.E. van Everdingen e.a.